Gefeliciteerd Mart, enkel de waarheid wint het van de leugen!
Nepjodin Yvonne Van Hertum, ga direct naar de gevangenis je komt niet langs start en je ontvangt geen centjes. #sneu #fail #lose
|
|
| Vonnis RECHTBANK ARNHEMSector civiel rechtzaaknummer / rolnummer: 225359 / KG ZA 12-39Vonnis in kort geding van 15 februari 2012 in de zaak van [eiser], tegen [gedaagde], Partijen zullen hierna [eiser] en [gedaagde] genoemd worden. 1. De procedure 1.2. Ten slotte is vonnis bepaald. 2. De feiten 2.2. Bij vonnis in kort geding van 14 oktober 2011 heeft de rechtbank Arnhem als volgt beslist: 5.1. verbiedt [eiser] gedurende zes maanden na betekening van dit vonnis zich te bevinden in [woonplaats] 5.2. verbiedt [eiser] gedurende zes maanden na betekening van dit vonnis [gedaagde] aan te spreken, 5.3. veroordeelt [eiser] om aan [gedaagde] een dwangsom te betalen van € 500,00 voor iedere keer dat 2.3. Op 26 oktober 2011 is de grosse van het vonnis van 14 oktober 2011 aan [eiser] betekend. 2.4. [eiser] heeft tegen het vonnis van 14 oktober 2011 hoger beroep ingesteld. 2.5. Op 10 januari 2012 heeft de deurwaarder in opdracht van [gedaagde] een exploot aan [eiser] betekend waarin [eiser] is aangezegd dat hij na de betekening van het vonnis van 14 oktober 2011 twee keer de in het vonnis vermelde verboden heeft overtreden en dat hij ten gevolge daarvan een bedrag van € 1.000,00 aan dwangsommen heeft verbeurd. 3. Het geschil 3.1. [eiser] vordert dat de voorzieningenrechter bij vonnis in kort geding, uitvoerbaar bij voorraad: 3.2. [gedaagde] voert verweer. 3.3. Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan. 4. De beoordeling - bevoegdheid - - spoedeisend belang - - dwangsommen verbeurd? - 4.4. [gedaagde] stelt dat zij na betekening van het vonnis van 14 oktober 2011 een e-mailbericht van [eiser] heeft ontvangen en dat [eiser] haar blog heeft bezocht. Het ip-adres van de bezoeker van de blog komt overeen met het ip-adres van [eiser]. [gedaagde] is van mening dat deze benaderingen door [eiser] vallen onder hetgeen in het vonnis van 14 oktober 2011 is bepaald en dat [eiser] derhalve tweemaal een dwangsom van € 500,00 heeft verbeurd. 4.5. [eiser] betwist dat hij [gedaagde] op 28 oktober 2011 heeft gemaild en dat hij haar blog heeft bezocht. Daarnaast betoogt [eiser] dat het bezoeken van de blog van [gedaagde] hem ook niet in het vonnis van 14 oktober 2011 is verboden, zodat hij ook op die grond geen dwangsom heeft verbeurd. 4.6. Wanneer in een executiegeschil de vraag moet worden beantwoord of dwangsommen zijn verbeurd, moet de voorzieningenrechter onderzoeken of het door de rechter opgelegde verbod waaraan de dwangsom als sanctie is verbonden, is overtreden. In het executiegeschil heeft de voorzieningenrechter dus niet de taak de rechtsverhouding opnieuw te beoordelen, maar dient hij zich ertoe te beperken de ter uitvoering van het veroordelend vonnis verrichte handelingen te toetsen aan de inhoud van de veroordeling, zoals deze door uitleg moet worden vastgesteld. Daarbij dient de rechter het doel en de strekking van de veroordeling tot richtsnoer te nemen in dier voege dat de veroordeling niet verder strekt dan tot het bereiken van het daarmee beoogde doel (zie HR 15 november 2002, NJ 2004, 410). 4.7. Beoordeeld dient te worden of de door [gedaagde] gestelde overtredingen onder de verbodsbepalingen in het vonnis van 14 oktober 2011 kunnen worden gebracht. - e-mailbericht d.d. 28 oktober 2011 - 4.9. Op een vraag va de voorzieningenrechter is ter mondelinge behandeling gebleken dat de voorzieningenrechter in het vonnis van 14 oktober 2011, behoudens de duur van het verbod, exact heeft toegewezen wat [gedaagde] in haar dagvaarding heeft gevorderd. In deze door de advocaat van [gedaagde] geformuleerde verbodsbepaling is niet expliciet opgenomen dat het [eiser] verboden is om [gedaagde] aan te spreken door middel van het versturen van een e-mailbericht. Nog daargelaten de vraag of [eiser] het e-mailbericht heeft verzonden, betekent dit dat het eventueel versturen van een e-mailbericht aan [gedaagde] geen overtreding van het vonnis van 14 oktober 2011 kan opleveren. Het standpunt van [gedaagde] dat het versturen van een e-mailbericht onder de strekking van de verbodsbepalingen in het dictum van het vonnis van 14 oktober 2011 dient te worden gebracht, acht de voorzieningenrechter, zonder nadere toelichting die ontbreekt, onvoldoende aannemelijk gemaakt. - bezoeken blog - 4.11. In het dictum van het vonnis van 14 oktober 2011 is geen verbodsbepaling opgenomen dat [eiser] de blog van [gedaagde] niet meer mag bezoeken. Niet geoordeeld kan derhalve worden dat [eiser], in het geval hij de blog heeft bezocht, in strijd met het vonnis van 14 oktober 2011 heeft gehandeld en dus een dwangsom heeft verbeurd. 4.12. Gelet op hetgeen hiervoor is overwogen ziet de voorzieningenrechter aanleiding om de executie van het vonnis van 14 oktober 2011 te schorsen voor zover de executie ziet op het innen van de twee dwangsommen op grond van het e-mailbericht d.d. 28 oktober 2011 om 11:26 uur en het bezoeken van de blog (zie exploit van opeising dwangsommen van 10 januari 2012). Er is geen grond aanwezig om de tenuitvoerlegging van het uitvoerbaar bij voorraad verklaard vonnis van 14 oktober 2011 te schorsen totdat in hoger beroep over het oorspronkelijke geschil tussen [eiser] en [gedaagde] is beslist. 4.13. De vordering van [eiser] om te oordelen dat de aangevangen executie zijdens [gedaagde] puur op basis van de voornoemde twee bewijsstukken, misbruik van (proces)recht ex artikel 3:13 BW inhoudt, en de executie derhalve onrechtmatig is jegens [eiser] en niet verder mag plaatsvinden, wordt eveneens afgewezen. Met het toewijzen van deze vordering zou de voorzieningenrechter de rechtstoestand tussen partijen vaststellen, hetgeen naar haar aard niet voorlopig is. 4.14. [gedaagde] zal als de grotendeels in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten worden veroordeeld. De kosten aan de zijde van [eiser] worden begroot op: 4.15. De kosten ten behoeve van het controleren van de adresgegevens van [gedaagde] ad € 7,00 worden afgewezen. Deze kosten zijn namelijk nodeloos gemaakt, nu de dagvaarding aan het kantoor van de advocaat van [gedaagde] is betekend. 5. De beslissing 5.1. schorst de executie van het vonnis van 14 oktober 2011 van de Rechtbank Arnhem (bekend onder zaaknummer 220211 / KG ZA 11-457) voor zover de executie ziet op het innen van de twee dwangsommen zoals vermeld in het exploit van opeising dwangsommen d.d. 10 januari 2012, 5.2. veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten, aan de zijde van [eiser] tot op heden begroot op € 1.173,64, te vermeerderen met de executiekosten die uit ten uitvoerlegging van dit vonnis jegens [gedaagde] voortvloeien vanaf de veertiende dag na executie, 5.3. verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad, 5.4. wijst het meer of anders gevorderde af. Dit vonnis is gewezen door mr. N.W. Huijgen en in het openbaar uitgesproken op 15 februari 2012. |
Bron: http://zoeken.rechtspraak.nl/default.aspx

Reacties
En in die tijd dat die zitting duurde had je die zaal kunnen gebruiken om de kindertjes van klanten van de voedselbank eens hun buik vol te laten eten.
Van het verbraste geld had dat eveneens goed gekund.
Wordt vervolgd???
Nee, dáár word je helaas niet voor vervolgd